Eigen vermogen
Het eigen vermogen van centrale banken. Omdat elke naamloze vennootschap er absoluut toch wel één moet hebben? De Nationale Bank van België voert aan dat “het concept eigen en vreemd vermogen” voor de (sui generis) NBB niet van toepassing zou zijn. Wat men niet heeft, dat moet men ook niet precies benoemen, is het uitgangspunt ..?


De Nationale Bank van België is een volledig geïntegreerd onderdeel van het Europees Stelsel van Centrale Banken (ESCB). Zij is de enige Nationale Centrale Bank (NCB) die, ondanks haar beursnotering, ” bepaalde problemen ” heeft met het garanderen van zelfs maar een minimale transparantie omtrent de omvang en de componenten van haar eigen vermogen.
Een onmogelijk vol te houden strategie (..)
Zelfs op het moment dat het bestuur (in 2022) miljardenverliezen moet opbiechten, en zowel de bestaande aandeelhouders als de markt in zijn geheel behoefte hebben aan een geruststellende, volledige en vooral waarheidsgetrouwe communicatie (en dan vooral omtrent – de omvang van – het eigen vermogen van de centrale bank), blijft het bestuur duidelijk moeite hebben met het concept “eigen vermogen van de Nationale Bank van België”.
Deze “wens om geen transparantie te moeten brengen” vindt ongetwijfeld zijn oorsprong in het bestaan van een Artikel 9bis van de Organieke Wet, als slechts één van de talrijke gemaakte historische fouten. Men heeft immers rechtbanken zo ver gekregen dat “de goudvoorraad van de NBB eigenlijk van de Belgische Staat zou zijn”? Nu de ECB en alle andere belangrijke NCB’s – noodgedwongen – alle belang geven aan de omvang en de componenten van het eigen vermogen, is deze houding (uitweg) voor de (beursgenoteerde) NBB onmogelijk geworden.
(1957) ” Voor al die schulden staat de Bank in met al haar activa …”

Gouverneur Maurice Frère,
op de buitengewone algemene vergadering der aandeelhouders van 27 mei 1957:
” .. De Bank is debiteur tegenover de houders van haar bankbiljetten voor het totaal nominaal bedrag van de circulatie. Zij is eveneens debiteur voor de creditsaldi der rekeningen die in haar boeken zijn geopend. Ten slotte heeft zij andere schulden die, ofschoon niet dadelijk opeisbaar, ongetwijfeld verbintenissen zijn.
Voor al die schulden staat de Bank in met al haar activa …”.
Inderdaad, met de waarde van alle eigen activa alle schulden van de Bank kunnen terugbetalen. DAT was ook de bedoeling van de wetgever met “de dekkingscoëfficiënt” voor de bankbiljettenomloop door een goudvoorraad.
En het daarna nog resterende vermogen is het eigen vermogen, statutair toebehorend aan de aandeelhouders.
Wat in 1957 nog niet echt het belangrijkste probleem van een centrale bank was, dat is als gevolg van de monetaire programma’s van de Europese Centrale Bank grondig gewijzigd (..)
(2019) “De voorkeur om concepten eigen en vreemd vermogen niet te gebruiken”

Directeur Tim Hermans,
op de algemene vergadering der aandeelhouders van 20 mei 2019:
” Het bestuur van de Nationale Bank van België wenst in de toekomst niet langer over het vermogen van de centrale bank te spreken in termen van eigen vermogen en schulden van de vennootschap “.

Geen financiële buffers, negatieve kapitaalposities voor miljarden euro’s, een negatief (of geen) eigen vermogen?
Er is een duidelijke evolutie in de financiële communicatie van zowel de Europese Centrale Bank als vooral ook van de belangrijkste NCB’s vast te stellen. Vooral vanaf het dramatische boekjaar 2023 wordt er heel veel belang gegeven aan een geruststellende en transparante financiële communicatie, en aan het belang van de omvang en de componenten van “het eigen vermogen“ van een (Nationale) Centrale Bank (..). Geen dubbelzinnig gewauwel meer over “eigen financieringsmiddelen” en de verschillen met “het eigen vermogen”: de duidelijke en ondubbelzinnige boodschap is “dat de niet gerealiseerde meerwaarden op de respectievelijke goudvoorraden onbetwistbaar tot het eigen vermogen (volgens de definitie van de ECB)” van de NCB moeten worden gerekend. Ondanks de miljardenverliezen en weggeslagen financiële buffers, negatieve kapitaalposities die door bijkomende miljardenverliezen verder zullen worden uitgediept, “zijn de balansen gezond en werden de eigen vermogens verder versterkt“!
De Deutsche Bundesbank

De Deutsche Bundesbank heeft als belangrijkste volledig geïntegreerde NCB wel degelijk “een eigen vermogen volgens de definitie van de ECB”, waarvan de passiefbalansrubriek “Herwaarderingsmeerwaarden” over de goudactiva onbetwistbaar een component is.




Reeds in het jaarverslag over het boekjaar 2022 wijst de Deutsche Bundesbank (net als De Nederlandsche Bank) er op dat haar “eigen vermogen volgens de definitie van de ECB” verder is gestegen, om in de jaarverslagen over de boekjaren 2023 en 2024 te bevestigen dat “haar balans gezond is”, en “haar eigen vermogen verder is gestegen” (als gevolg van de verder gestegen goudkoers), en herneemt daarbij uitdrukkelijk de componenten van het eigen vermogen van een volledig geïntegreerde Nationale Centrale Bank. De “revaluation accounts” op de goud- en deviezenvoorraden inbegrepen dus.
De Nederlandsche Bank

De Nederlandsche Bank is een voorbeeld van transparantie, ook omtrent de vermogensrechten van de centrale bank en van haar aandeelhouders. Het bestuur is duidelijk over de rol en het belang van de goudactiva (als het ultiem vertrouwensanker), dat de herwaarderingsmeerwaarden buiten beschouwing worden gelaten voor de kapitaalpositie (de financiële buffers) maar wel toe te rekenen zijn tot “het netto eigen vermogen volgens de definitie van de ECB”.


De Nederlandsche Bank verwijst in haar “Eindrapport kapitaalbeleid van DNB” naar de tweejaarlijkse convergentieverslagen van de ECB, waarin 1) bepaald werd welke componenten tot “het netto eigen vermogen volgens de definitie van de ECB” behoren, en dat 2) dit netto eigen vermogen niet langdurig negatief mag blijven. De Nederlandsche Bank bevestigt uitdrukkelijk dat “de herwaarderingsreserves tot het netto eigen vermogen behoren”.
De Nederlandsche Bank stelt dat haar eigen vermogen beantwoordt aan de gestelde randvoorwaarden, en de ECB geen extern opgelegde herkapitalisatie kan opleggen (dat dit “een puur nationale keuze is”).
De Europese Centrale Bank

De Europese Centrale Bank bepaalt in de tweejaarlijkse convergentieverslagen aan welke criteria “het netto eigen vermogen” van de Nationale Centrale Banken moeten voldoen, opdat de financiële onafhankelijkheid en de ongestoorde verdere werking als gewaarborgd kan worden beschouwd. Het is dan ook niet meer dan logisch dat ook de componenten van dat “netto eigen vermogen” op ondubbelzinnige wijze worden benoemd.



Over het boekjaar 2022 had ook de Europese Centrale Bank het nog over haar “financieringsmiddelen”, als het totaal van de kapitaalpositie en de herwaarderingsmeerwaarden. Vanaf de boekjaren 2023 en 2024 worden de eigen financieringsmiddelen gewoonweg als “het eigen vermogen van de ECB” benoemd. Met de herwaarderingsmeerwaarden over de goudactiva als de belangrijkste component.
De Nationale Bank beweert geen eigen vermogen te hebben, en dus (..)?
Vooreerst en geruststellend: De Nationale Bank van België heeft natuurlijk wel een eigen vermogen!


Het bestuur van de Nationale Bank van België informeerde en bevestigde haar aandeelhouders, zowel op de algemene vergadering van 2008 als in een officieel persbericht, dat het bestuur (sedert 2006) een percentage van het gecorrigeerd “eigen vermogen van de onderneming” heeft afgetrokken van de belastbare winst, en bovendien daarbij “de waarde van de goudvoorraad niet werd afgetrokken van HAAR eigen vermogen” om de notionele interest te berekenen.
Opnieuw een onwaarschijnlijk voorbeeld van het verschil tussen de financiële communicatie vanwege een beursgenoteerde centrale bank enerzijds, en de feitelijke werkelijkheid anderzijds.
De dwingende regels van het Verdrag en de Richtsnoeren van de ECB, ook voor de NBB
Het wordt elders verder toegelicht, maar hier enkel het volgende feit: om het even welke communicatie het bestuur van de Nationale Bank van België ook denkt te moeten voeren omtrent de rechthebbenden op de meerwaarden van het vermogen van de vennootschap welke werd belegd in de goud- en deviezenvoorraden van de NBB, de dwingende regels van de ECB en het Verdrag zijn voor elke volledig geïntegreerde NCB van toepassing. Zoals de ECB in haar advies (CON/2019/23) deze regels aan de Banca d’Italia heeft duidelijk gesteld, zullen deze onverkort ook voor de Nationale Bank van België gelden.

Van belang in deze korte passage uit het Advies van de Europese Centrale Bank:
- De officiële externe reserves (waaronder de goudactiva) moeten VERPLICHT tot uiting worden gebracht op de balans van de NCB (en moeten hiertoe aan diverse verplichtingen voldoen)
- ELK inkomen verkregen uit het beheer van de officiële externe reserve-activa (waaronder meerwaarden over de goudactiva) kan enkel maar worden uitgekeerd aan de aandeelhouders 1) middels het normale proces voor de winstbestemming zoals bepaald in de relevante wetgeving en statutaire bepalingen, en 2) NADAT er voldoende financiële buffers werden aangelegd die de financiële onafhankelijke werking van een NCB moeten waarborgen.
Meerwaarden gerealiseerd over de goudactiva van de NBB worden via de resultatenrekening verplicht bestemd naar de Beschikbare reserve, component van het vermogen welke statutair aan alle aandeelhouders toekomt.
De volgende vijf boekjaren zal de NBB een negatieve kapitaalpositie verder uitbouwen tot verwacht zo’n 3,5 miljard euro. Indien er daarna kan worden teruggekeerd naar winstgevendheid, moet er eerst een Beschikbare reserve worden gevormd van minimum 5,6 miljard euro (berekening eind 2024) om de vereiste financiële onafhankelijkheid te waarborgen. Het zal dus pas na de realisatie van zo’n 10 miljard euro jaarwinsten zijn dat de NBB gerealiseerde goudmeerwaarden ZOU KUNNEN uitkeren!
Tot dat moment zal ook de Nationale Bank van België alle meerwaarden, gerealiseerd over de goudactiva (de beweerde eigendom van de Belgische Staat) VERPLICHT moeten toevoegen aan het eigen vermogen van de centrale bank. Een eigen vermogen, statutair bepaald, toebehorend aan alle aandeelhouders: voor de helft de Belgische Staat, voor de andere 50 % de private minderheidsaandeelhouders. Wat men de financiële markten via de jarenlange bedrieglijke communicatie ook heeft voorgehouden!
Niet uitgekeerde winsten en meerwaarden worden dan beschouwd als ..? Vreemd vermogen, schulden?

Wanneer een Nationale Centrale Bank winsten realiseert, en deze winsten niet volledig uitkeert aan haar aandeelhouders, dan bevestigt De Nederlandsche Bank dat “het resterende deel van de winst wordt gebruikt om het eigen vermogen te versterken“.
Het versterken van de kapitaalpositie, als een component van het eigen vermogen van een NCB.
Vanaf het boekjaar 2009 tot en met 2013 heeft de Regentenraad 25 % van de jaarwinsten aan “de Beschikbare reserve” toegevoegd, vanaf 2014 tot en met 2021 zelfs 50 %. Er werd over die periode 10,04 miljard euro jaarwinsten gerealiseerd, waarvan er dus 3,38 miljard euro werd toegevoegd aan de kapitaalpositie van de NBB. Die voor de Nationale Bank van België geen component van het eigen vermogen uitmaakt?
Meerwaarden, gerealiseerd over de goudactiva van de vennootschap, zijn een onderdeel van de te bestemmen jaarwinsten. Behalve de artikels 30 en 37 van de Organieke Wet is er geen enkele actueel geldende wettelijke noch statutaire bepaling die gerealiseerde meerwaarden een andere bestemming zou kunnen geven. En, vooral, er is ook nog zoiets als het Verdrag, de convergentieverslagen en adviezen van de ECB, en de dwingende bepalingen van de Richtsnoeren van de ECB.
Een eerste synthese dus:

Het is gewoonweg onmogelijk dat de passiefbalanspost “12. Herwaarderingsmeerwaarden” NIET tot het eigen vermogen van de Nationale Bank van België kan worden gerekend.
Gezien de bepalingen van zowel het Verdrag als van het eigen actuele kapitaalbeleid zal men die meerwaarden over de goudactiva, bij de realisatie ervan, VERPLICHT MOETEN toevoegen aan de passiefbalanspost “13.3 De Beschikbare reserve”. Dit zou dan in de feiten betekenen dat de vennootschap schulden (want geen eigen vermogen) zou omzetten naar de kapitaalpositie van de vennootschap?
De boekhoudregels en -principes van het Richtsnoer van de ECB werden nu meerdere boekjaren duidelijk bevestigd in zowel de jaarverslagen als de communicatie van de ECB en de belangrijkste NCB’s. Zou de NBB dan BEWUST het vermogen van de vennootschap altijd misleidend en foutief hebben voorgesteld (op haar balans en ondernemingsverslagen)?
Geen dringende wijziging doorvoeren zowel in de Wet (het Artikel 9bis van de Organieke Wet) als in de financiële communicatie dreigt moeilijke en belangrijke juridische procedures tot gevolg te hebben.
De kans lijkt immers groot te zijn dat principiële burgers zich, steunend op de Wet en de jarenlang gevoerde communicatie, er zich niet mee gaan verzoenen dat er miljarden euro’s “eigendom van de gemeenschap” aan het vermogen van een vennootschap zouden worden toegevoegd, een vermogen welke voor de helft toebehoort aan eerder omschreven “speculanten en goudrovers”? Terwijl men, omdat de regels van de ECB en het Verdrag onvermijdelijk moeten worden gerespecteerd, de meerwaarden werkelijk op geen andere manier zal kunnen bestemmen?


