De externe reserve-activa

De Goudvoorraad

van de Nationale Bank van Belgiƫ.

Wat het Artikel 9bis van de Organieke Wet ook moge bepalen.

De werkelijke eigendomsrechten over de goud- en deviezenvoorraden welke de Europese Centrale Bank (ECB) en de nationale centrale banken (NCB’s) op het actief van hun respectievelijke balansen tot uiting brengen, als de monetaire autoriteit van hun land en welke door het Internationaal Monetair Fonds (IMF) worden erkend als “de officiĆ«le externe reserve-activa van haar lidstaten”, moeten onbetwistbaar en ondubbelzinnig worden bepaald. Dixit het IMF zelf. Daarnaast is het dan ook van belang om de rechten over het vermogen van de nationale centrale bank, belegd in deze goud- en deviezenactiva te kennen. Deze rechten worden bepaald in de Statuten van de centrale banken (en/of in aanvullende wetgeving).

De eigendomsrechten over de goud- en deviezenvoorraden van de Nationale Bank van Belgiƫ

De vermogensrechten verbonden aan een aandeel van de Nationale Bank van Belgiƫ

De Belgische Staat is niet eerder dan in 1948 toegetreden tot het kapitaal van de Nationale Bank van Belgiƫ. Nagenoeg 100 jaar na oprichting van de beursgenoteerde naamloze vennootschap dus.

De vermogensrechten verbonden aan de aandelen van de vennootschap worden door geen enkele statutaire bepaling beperkt, worden bepaald door de Artikels 4 en 7 van de Statuten.

In de Statuten werd geen enkele bepaling opgenomen welke de aandeelhouders het recht zou ontnemen op het vermogen van de vennootschap belegd in de goud- en deviezenactiva, noch op de eventuele opbrengsten welke de vennootschap kan verkrijgen uit het autonome beheer van die activa.

Vermogen van de vennootschap werd belegd in de goudvoorraad van de Nationale Bank van BelgiĆ« – ofwel: de werkelijke oorsprong van deze goudreserve (..)

De absoluut bedrieglijke communicatie omtrent de goudactiva van de Nationale Bank van Belgiƫ (..)

Het vermogen belegd in de goudactiva, als een component van het eigen vermogen van de Nationale Bank van Belgiƫ (..)

De Goudvoorraad

van de Banca d’Italia.

Net zoals de Nationale Bank van België een volledig geïntegreerde
Nationale Centrale Bank van het Europees Stelsel van Centrale Banken, met privƩ aandeelhouders.

Omdat het Italiaanse Parlement nu hetzelfde wil proberen van wat de Belgische Wetgever (in 2002) hen heeft voorgedaan omtrent de Nationale Bank van Belgiƫ.

De eigendomsrechten over de goud- en deviezenvoorraden van de Banca d’ Italia

De vermogensrechten verbonden aan een aandeel van de Banca d’Italia

Het Italiaanse parlement volhardt in de boosheid: de eigendoms- en vermogensrechten over de Italiaanse goudvoorraad moeten naar de Italiaanse Staat!

De ontstane betwisting tussen het Italiaanse Parlement en de Europese Centrale Bank, in de media (..)

De ontstane betwisting tussen het Italiaanse Parlement en de Europese Centrale Bank, objectieve meningen en visies (..)

De ontstane betwisting: de “Legal Opinions” vanwege de Europese Centrale Bank aan het adres van de Italiaanse Minister van FinanciĆ«n (..)

LORENZO BINI SMAGHI

Visie en enkele standpunten van een gewezen lid van de Raad van Bestuur van de Europese Centrale Bank:

Kortom, het voorstel is zonder logica, ongeacht of ItaliĆ« deel uitmaakt van de monetaire unie. Niet verrassend heeft geen enkel ontwikkeld land ooit zo’n operatie geprobeerd.

Dit alles heeft geen betrekking op het juridische eigendom van het goud, dat afhangt van de institutionele opzet van elke centrale bank — een punt dat herhaaldelijk door de ECB in haar juridische adviezen is verduidelijkt.

De Officiƫle

Externe reserve-activa van een lidstaat
van het Internationaal Monetair Fonds.

Enige noodzakelijke duiding.

Enkele Argumenten, standpunten en CONCLUSIES.

Het Italiaanse Parlement zal ongetwijfeld deze derde poging tot wijziging van de eigendoms- en vermogensrechten over de reusachtige goudvoorraad van de Banca d’Italia doorzetten tot het einde. Waar dit einde ook moge liggen, het verloop van de betwisting (en de door alle partijen – en onafhankelijke deskundigen – aangehaalde visies en argumenten) zal ongetwijfeld ook op de Belgische situatie een duidelijker beeld opleveren.

RTL Z (van 28 januari 2026), alles zeggende uitspraken:

De Nederlandsche Bank bezit 612.450 kilogram goudactiva. Wat doen ze er mee, wat kunnen en mogen ze er mee doen, en WAT NIET ? Enkele interessante standpunten en uitspraken van een senior portfolio manager bij ABN AMRO, en een hoogleraar economie (maar vooral eerder Hoofd Onderzoek bij De Nederlandsche Bank).

Voor 84 miljard euro aan goudactiva. Maar het geld (belegd in de goudactiva) is van DNB, en niet van de overheid, dus de overheid kan het ook niet uitkeren. DNB is totaal onafhankelijk van de overheid.

DNB mag geen geld aan de inwoners van Nederland geven, want DIE ZIJN GEEN AANDEELHOUDER. Alleen de Nederlandse Staat is dat. Vergelijk het met bijvoorbeeld Philips, dat mag ook niet een fabriek verkopen en de opbrengst aan zo maar iemand geven.

Als een centrale bank goud en deviezen bezit, dan blijft er namelijk vertrouwen dat een munt waarde heeft. Dat zit zo: als een centrale bank, zoals DNB of de ECB, weinig of geen bezittingen heeft, dan kunnen er twijfels ontstaan over hoeveel een munt eigenlijk waard is. Vroeger was er een directe link tussen geld en goud. In theorie kon je met een bankbiljet naar de centrale bank en dat inwisselen voor goud. Nu kan dat niet meer, de waarde van geld is dus gebaseerd op vertrouwen. Het helpt dat er bij de centrale bank tegenover de bankbiljetten die zijn uitgegeven een waarde staat in de vorm van onder meer goud en deviezen.

De Europese Centrale Bank heeft het over een “Agreement on net Financial Assets (ANFA)?

De ANFA-overeenkomst bepaalt de regels en limieten voor aangehouden financiĆ«le activa die verband houden met nationale taken van de NCB’s. Deze financiĆ«le activa van de NCB’s zijn onder andere de tegenposten van het kapitaal, voorzieningen of andere specifieke passiva van de NCB’s, hun externe reserves en personeelspensioenfondsen, of voor algemene beleggingsdoeleinden aangehouden activa. De ANFA is tot stand gekomen om voor financiĆ«le activa die met nationale, niet-monetairbeleidstaken samenhangen, een totaal nettobedrag als bovengrens vast te stellen, zodanig dat het monetair beleid niet wordt belemmerd.

Zowel aan de actiefzijde als aan de passiefzijde van de balans van een centrale bank zijn er posities die niet rechtstreeks verband houden met het monetair beleid. Het verschil tussen deze twee reeksen posities wordt netto financiƫle activa (NFA) genoemd.

De “officiĆ«le externe reserve-activa” (waaronder de goudactiva) behoren niet tot de balansposten die verband houden met het monetair beleid

Bij de oprichting van de Economische en Monetaire Unie kwamen de regeringen in het Europese verdrag overeen de monetairbeleidstaken naar het Europees niveau over te hevelen. Los van het monetair beleid konden – en kunnen – de NCB’s nationale taken uitvoeren. Dit beginsel is verankerd in artikel 14.4 van de statuten van het ESCB en van de ECB.

In de praktijk houden de NCB’s momenteel activa aan die geen verband houden met monetair beleid en wisselkoersbeleid, zoals de goudactiva en de externe reserves, beleggingsportefeuilles, .. .Ook de ECB houdt een eigenmiddelenportefeuille aan tegenover haar kapitaal en voorzieningen, evenals een beleggingsportefeuille voor het personeelspensioenfonds.

De NCB’s hielden bovengenoemde beleggingsportefeuilles reeds aan voordat ze tot het Eurosysteem toetraden, en de hiermee behaalde baten dragen bij aan de financiĆ«le inkomsten van de NCB’s.

De goud- en deviezenactiva die een nationale centrale bank tot uiting brengt op het actief van haar balans, houden geen verband met het monetair beleid. De behaalde baten dragen bij aan de financiƫle inkomsten van de nationale centrale bank.